Hemispheres
Abonneren

Abonneren op nieuwe artikelen

Reacties

Toen deze plaat vanmorgen voorbij kwam geshuffeld realiseerde ik me: (ik) bennie helder…dat kon ik  9 á 10 jaar geleden elke dag wel zeggen. Ongelooflijk hoe je focus helemaal gericht kan zijn op het gebruiken van alcohol en het op peil houden van je roes én van je drankvoorraad. Want er bestond geen grotere paniek dan dat het einde van je drankvoorraad in zicht kwam en er geen mogelijkheid meer was om deze aan te vullen en je drank nodig had (wat eigenlijk altijd het geval was). Gevolg was dus dat ik eigenlijk nooit echt helder was. Inmiddels sta ik al weer bijna 9 jaar droog en ben ik daarvan toch 4 jaar héél helder geweest. Inmiddels ben ik heel vaak niet echt helder maar dat heeft een heel andere oorzaak. Die oorzaak heeft misschien wel te maken met de oorzaak van destijds maar eerlijk gezegd wil ik dat niet weten.

Reacties

Over het nieuwe album van Gazpacho las ik al het een en ander op mijn Facebook tijdlijn. Dat varieerde grofweg van “een van hun beste” tot “een van hun miste”. Als ik dat afzette tegen van wie welke reactie afkomstig was en die trend door trok verwachtte ik dat ík het een heel mooi album zou vinden.
En warempel, die redenering blijkt in dit geval te kloppen. Het heeft dezelfde dromerigheid/ambient-sfeer met mooie melancholieke melodieën van het eerdere werk (waar ik van hou) en mist het geëxperimenteer met Oost-Europese muziek (waar ik geen zin in heb) van een van de twee voorgangers (“Demon” of “Molok”, ik weet niet meer welke en ik zie geen noodzaak om het terug te luisteren). Verder doet er af en toe een soort digitaal nonnen- en /of paterskoor mee wat het een gewijde sfeer meegeeft. Kitsch? Jazeker maar af en toe heb ik daar zin in. Daarnaast vind ik de viool mooier in het totaalgeluid opgenomen terwijl ik die in het verleden nogal eens “er achteraf op geplakt” vond. Had ik net 10 minuten naar een nummer lopen (lopen? ja, Gazpacho maakt ideale wandelmuziek) luisteren, dacht ik “dat was mooi maar nu is het wel klaar”, kwam er ineens een viool uit het niets opdoemen.
OK, van dat klaaglijke stemmetje van Jan-Henrik krijg ik nog steeds na een half uur jeuk maar verder vind ik het prachtig. Ik ben benieuwd wat ze er Vrijdag in De Pul van bakken.



Reacties

De laatste tijd circuleren er van die lijsten met platen op Facebook. Meestal vind ik het niet echt verrassend wat ik daar tegen kom omdat de mensen die die lijstjes plaatsen grotendeels in dezelfde vijvers vissen als ikzelf. Dan kan het verschillende kanten op: óf je denkt: “ja, nou weet ik het wel hoor”, óf je pakt een plaat er weer eens bij en realiseert je dat de liefde enigszins over is (dat had ik bijvoorbeeld met Y&T) óf je pakt een plaat er weer eens bij en realiseert je dat het toch wel een heel mooie plaat is (bijvoorbeeld “Frontiers” van Journey).
Maar af en toe – héél af en toe – zit er iets tussen wat je nog niet kent. Ja, ik wist wel van het bestaan van Annihilator af maar hun opkomst en hoogtijdagen vallen samen met de tijd dat ik enigszins was afgehaakt van de metal en ik heb ze dus destijds gemist maar ik ben nou eenmaal met een inhaalslag bezig en omdat het vorig jaar met Armored Saint zo goed uitpakte probeerde ik het met Annihilator ook eens, en met succes.
In wat ik over de band las op internet wordt hun muziek omschreven als trashmetal. Maar het is toch wel heel wat meer (of ik heb helemaal een verkeerd beeld van trashmetal en laat ik me teveel leiden door de letterlijke betekenis van het woord ”trash”, dat kan ook best). Zo barst het van de gitaarloopjes, tempowisselingen en rustige tokkel stukjes, luister maar eens naar dit nummer.





Reacties

Het huwelijk van het jaar was wat mij betreft gisteren al want toen trouwde mijn nichtje. Nou ja, nichtje…Ja, dat was ze toen ons Francien en Rob kwamen aanfietsen met Leanne bij Rob achterop en Laurie bij ons Francien in het stoeltje voorop. Maar dat is een dikke kwart-eeuw geleden. Die meisjes werden jonge vrouwen en vlogen uit. Leanne heeft inmiddels samen met Walter twee dochters en nu is Laurie getrouwd. Met Tim, een ex-zeeman die voor haar een baantje aan de wal aanvaardde. Volgens mij is dat liefde!
Op het feest kwam ik ook Jac tegen. Bij Jac in de garage heb ik zo’n jaar of negen (pak ‘m beet 2000-2009) wekelijks gerepeteerd. Jac en Gerda hebben drie zonen. Toen ik daar begon waren het kleine kinderen en toen ik daar weer weg ging waren het pubers. Maar die pubers zijn inmiddels grote mannen met zware stemmen geworden. Ze herkenden mij eerder dan ik hun.
En zo kwamen we nog wel meer mensen tegen die we jaren niet gezien hebben en die – net als wij – andere levens hebben gekregen. Dat is goed en mooi en het hoort erbij maar het maakt me toch een beetje melancholiek. Ik denk niet (weet eigenlijk wel zeker) dat Harry & Meghan die gevoelens bij mij kunnen losmaken. Nee, dan kan ik beter naar een mooie zonsopgang kijken in de wetenschap dat die elke dag weer op gaat.




Reacties

Hier in huis wordt niet vaak met wenkbrauwen gefronst naar aanleiding van muziek die ik op heb staan. Niet vaak nee, Henriette is wel wat gewend, al vind ze mijn muziek soms ‘zenuwen-muziek’, maar goed, ik krijg van die salsa van haar ook wel eens  ‘de zenuwen’. Gefronste wenkbrauwen levert die muziek zelden op maar wel af en toe bijvoorbeeld als er gegrunt wordt. Dus bands als Opeth (van vóór “Heritage”), Amorphis en Wintersun (beide uit Finland, toeval?) leveren hier wel eens gefronste wenkbrauwen op. Och…ik ben het wel gewend. Ik ga me pas zorgen maken als er niet meer met wenkbrauwen gefronst wordt. Sorry als ik nu een beetje klink als dominee Gremdaat.

Wintersun en Amorphis bestaan allebei al langer maar leerde ik allebei de afgelopen jaren pas kennen en beiden verrasten ze me omdat ik het geweldig vond ondanks het feit dat het elementen bevat waar ik niet van hou, zoals grunten en schreeuw-zang. Ik was dan ook heel benieuwd naar nieuw werk van beide bands.

Nou, Wintersun stelde me vorig jaar danig teleur met hun opvolger van “Time I” uit 2012 maar Amorphis stelt me vandaag niet teleur met hun opvolger van “Under The Red Cloud” uit 2015. Ze vonden niet opnieuw het wiel uit (gelukkig niet zeg!). Het is de bekende mix van bombastische metal met afwisselend cleane zang, geschreeuw en gegrunt en folk invloeden. Alleen hoor ik – ter verhoging van het bombast-gehalte? – wat vaker een koor. En hoor ik daar nou een saxofoon? Dat had van mij dan weer niet gehoeven. Ik hou best van een lekker potje saxofoon maar ik kan ook best zonder en bij metal kan ik zelfs heel goed zonder.
Ook bevat de plaat weer iets waarvan ik eigenlijk niet hou dat nu juist héél goed uitpakt, namelijk gesproken woord maar hier pakt dat waarschijnlijk goed uit omdat ik er geen woord van versta, zal wel Fins zijn.
Maar, weer een plaat voor mijn lijstje in December. Dat er nog vele (oud of nieuw kan mij niet schelen) mogen volgen.

 






Reacties

Weer een herinnering aan Huize Padua naar aanleiding van muziek. Maar waar in die van gisteren de wanhoop de boventoon voerde, voert in deze de hoop de boventoon.
Ergens aan het einde van 2013 op een Zaterdag ochtend:
Inmiddels was ik zover gevorderd dat ik weekenden naar huis mocht. Henriëtte kwam me dan op Zaterdag ochtend om 10 uur halen maar meestal was ik al ruim voor 9 uur klaar.
Een van de CD’s die ik daar had liggen was een CD van “Los De Abajo”, een uit Mexico afkomstig muziekgezelschap dat wij eerder op een festival in Bladel hadden ontdekt die een soort muziek spelen die ik ergens ‘Latin ska’ genoemd zag worden. Dat dekt de lading redelijk. Ik draaide die plaat vaak. Het eerste nummer van de plaat heet “Fiesta” en dit stukje uit het refrein bleef altijd hangen:

¡Fiesta! fiesta en la calle
¡Fiesta! toda la noche

(Feest! Feest in de straat
Feest! Heel de nacht)

Terug naar die Zaterdag ochtend: Als ik een uur van tevoren al klaar was om te worden opgehaald probeerde ik de tijd te doden met op en neer ijsberen over de gang. Die keer liep ik wat voor me heen te zingen. Ik dacht: “wat loop ik nou eigenlijk te zingen?” Het was dat stukje uit dat nummer.
En sindsdien staat dit nummer voor hoop, omdat ik in deze klote tijd een liedje liep te zingen over een straatfeest.









Reacties

Een aantal jaren geleden las ik een recensie van een verzamel CD van The Beach Boys getiteld “The Brother Years”. In die recensie werd beweerd dat als men aan mensen vroeg wat de beste plaat van The Beach Boys is dat men dan vaak als in een Pavlov reactie op de proppen zou komen met “Pet Sounds”.
Interessante bewering.
Ik deed drie dingen: Ik zocht op wat een ‘Pavlov reactie’ ook al weer was, luisterde “Pet Sounds” en luisterde die verzamel CD. Het gevolg was dat ik die CD aanschafte. Die CD bevat opnames van The Beach Boys van ná “Pet Sounds”, toen het zogenaamde genie “Brian Wilson” al definitief van het padje was. Hele mooie muziek, niet alle nummers zijn even sterk, maar dit nummer – titelnummer van “Surf’s  Up” uit 1971 en origineel bestemd voor “Smile”, de beoogde opvolger van “Pet Sounds”, die er decennia later pas kwam – is een juweel. En zonder die opmerking over die Pavlov reactie zou ik die CD nooit zijn gaan luisteren.
En wat die bewering betreft: ik denk dat die Pavlov stevig bijbeunt in allerlei lijstjes.





Reacties

Tweede helft 2013, Huize Padua Boekel, een willekeurige avond:
Het is ongeveer half 10 ’s avonds. Henriëtte is net naar huis en mij wacht weer een lange avond gevolgd door een lange nacht gevolgd door een lange dag, tot ze er weer is. Ik voel me rot en zie op tegen weer uren piekeren over “hoe zal het met mij verder gaan?” Ik zet een CD op. Een van de CD’s die men ergens in Juli willekeurig bij elkaar geraapt heeft en die ik dus vlak voor ik hals over kop naar het ziekenhuis gebracht werd nog heb gedraaid. Deze keer zet ik deze CD van Whitesnake op.

En soms valt een nummer precies op z’n plek (al gaat het dan heel ergens anders over)



Reacties

Binnen twee weken tijd twee bands uit Noorwegen die zich noemen naar soep. De band van vanavond letterlijk want de band heet "Soup". Het heeft een tijdje geduurd voordat ik ze ben gaan luisteren want – eerlijk is eerlijk – de naam "Soup" lokte mij nou niet bepaald hun richting uit.
Deze Noorse band heeft zeker muzikale raakvakken met die andere Noorse band want beiden klinken ze op z'n tijd behoorlijk...eeehhh...weids. Of dat met het weidse Noorse landschap te maken heeft weet ik ook niet.
Weidse muziek met breed uitwaaierende gordijnen van geluid. Ik spreek hier bewust niet van muren want tegen muren loop je te pletter (behalve Harry Potter) maar de geluidsgordijnen van Soup nemen je juist op. Ik werd er helemaal in mee gezogen en om me heen zag ik dat bij meerdere personen. Alice Switser gebruikte het woord "meeslepend". Dat woord past prima. En de – meestal – lange nummers bouwden ook mooi naar een climax toe.

Overigens, dit was mijn eerste concert in de nieuwe kleine zaal van De Pul. Telkens als ik in het verleden de ‘grote’ zaal binnen ging keek ik even de bijbehorende kroeg in en dacht dan bij het zien van de anderhalve paardenkop die daar binnen zat: "Wat zonde van al die ruimte!" Nou, dat dachten ze bij De Pul blijkbaar ook want de ruimte is verbouwd en gepromoveerd tot "kleine zaal". Een aanwinst!

Wel vond ik het wat te hard voor zo’n kleine ruimte dus voor het eerst in jaren had ik m’n dopjes weer in. Want in een grotere zaal ga ik dan gewoon wat verder weg staan maar in deze kleine zaal sta je overál dichtbij.
Maar goed, zo kon ik wel mooi zien hoe een van de heren er lekker even bij ging zitten om wat geluidseffecten uit z’n setje pedalen te halen. Trouwens, indrukwekkend setje pedalen op het podium, knap dat ze daar wijs uit kunnen. Ik zou dan op het verkeerde pedaal trappen (of op een pedaal van iemand anders, of op het verkeerde moment, of erover struikelen of zo).

M
aar goed, geweldige avond gehad in een fijn zaaltje waar je gewoon je jas aan een kapstok kan hangen en even op het biljart kunt gaan zitten (dat vol lag met LP’s en CD’s en shirtjes, waardoor iemand aan mij kwam vragen wat die shirtjes kostten). Dat zaaltje was trouwens redelijk gevuld maar dat heb je nogal snel in een zaaltje met een capaciteit van 100 personen. Ik schat dat er zo’n 75 personen binnen waren.  In December in Ulft zien we wel of het op een groter podium in een grotere zaal ook overeind blijft. Ik denk van wel, ik heb er alle vertrouwen in.






Reacties

De gebeurtenissen van een jaar of 5 geleden hebben nogal wat aangericht in mijn hersenen. Ook het genieten van muziek is veranderd. Maar het is er nog, of eigenlijk moet ik zeggen dat het er wéér is want in eerste instantie genoot ik er helemaal niet meer van. Ik kan me nog goed herinneren dat ik daar in Boekel met m’n iPod op m’n oren lag te luisteren en bijna elk nummer na een paar seconden vooruitspoelde omdat ik dáár geen zin in had. Ik maakte me ernstige zorgen. Maar gelukkig is dat plezier er weer, al heeft er wel een verschuiving plaats gevonden. Want mocht ik in het verleden nog wel graag naar ingewikkelde muziek luisteren, muziek als Gentle Giant of King Crimson trek ik niet meer. Daar staat dan weer tegenover dat ik veel meer dan voorheen houdt van goed gezongen liedjes die niet meer pretentie hebben dan het zijn van een goed liedje. Zo val ik tegenwoordig voor een artiest als Sam Cooke terwijl die mij voorheen nauwelijks boeide. Daarom hierbij zijn – volgens mij – mooiste nummer. En het gaat ook nog eens over verandering!



Reacties
Diverse linkjes
Oud weblog Millstreet Blues

Mijn Facebook pagina

Website Bon Scotch

3 Horns music Site van m'n broer Hans, componist, arrangeur, dirigent en muziekdocent

HBL Fotografie Hannie Berkers, schoonzus, fotografe

BLAST Blues Promotion